voorproefje

De Apotheker en de Pijnstiller

In de opdracht Jij als Apotheker heb je al kennisgemaakt met een belangrijk onderdeel van het werk van de apotheker: het controleren van de recepten die de dokter uitschrijft. Dit is een vervolgopdracht over het werk van de apotheker.

Er zijn heel veel medicijnen waaruit de dokter een keus moet maken bij de behandeling van problemen van een patiënt. Dat geldt ook voor pijnbestrijding. In deze opdracht gaat het over pijnbestrijding met hulp van morfine, een sterke pijnstiller. Dat kan op verschillende manier gebeuren, bijvoorbeeld als tablet, drankje, zetpil of injectie. In deze opdracht gaat het vooral over toediening via een tablet (een pil) of een injectie. Waarom kiest men voor een bepaalde manier? En hoe zit het met dan met verschil in de dosis? 

Eerst krijg je hierover algemene vragen en daarna volgen twee praktijkvoorbeelden.

Voorproefje

Voorbeeld 2

Miguel heeft heel veel last van pijn in zijn rug. Sinds een week krijgt hij morfinetabletten: 10 mg 4x daags (dus om de 6 uur 1 tablet). Hij belt om 15:00 uur de apotheek op: normaal moet hij om 12:00 uur een tablet nemen, maar dit is hij helemaal vergeten. Wat nu?

Tijdens het telefoongesprek geeft Miguel ook aan dat hij dat hij iedere dag graag een glaasje wijn drinkt bij het avondeten. Nu hij morfine krijgt om de pijn te verlichten, kan hij hier ook steeds meer van genieten. De morfine helpt hem goed, maar sinds hij ermee is gestart, is hij heel snel moe en heeft hij ook last van hoofdpijn. Dat verontrust hem.

Vraag 8: Wat adviseer je hem te doen nu hij de inname is vergeten?

Meer weten? Log in om met deze opdracht te beginnen of meld uw school aan.

De Digitale Topschool

Online onderwijs voor kinderen op de basisschool met talent voor leren.

School aanmelden

Over de auteur

TOP-lerares Esther Janssen, MSc Farmacie aan de Universiteit Utrecht, bedacht deze opdracht.